December in de klas is gezellig, maar vaak ook wiebelig. De beste kerstactiviteiten zijn daarom kort, duidelijk en makkelijk klaar te zetten. Kies liever drie haalbare activiteiten dan één groot project dat eindigt met lijmpistolen, natte verf en een bel die nét te vroeg gaat.
Maak een kerstcircuit met korte opdrachten
Een kerstcircuit werkt goed wanneer je veel energie in de groep voelt, maar toch overzicht wilt houden. Zet 4 of 5 tafels klaar met een opdracht van ongeveer 10 minuten. Na elk rondje wisselen de kinderen door. Voor groep 1 en 2 houd je de uitleg visueel met een voorbeeld op tafel; vanaf groep 4 kunnen kinderen vaak met een opdrachtkaart werken.
Een eenvoudig circuit voor 45 tot 60 minuten:
- Kerstkaart maken: vouwen, tekenen, korte wens schrijven.
- Kerstwoorden zoeken: woordzoeker, letterdobbelsteen of woordenlijst aanvullen.
- Rekenboom: sommen oplossen en de uitkomst aan de juiste kerstbal koppelen.
- Bouwopdracht: maak een stal, slee of kerstboom van blokjes, kapla of kosteloos materiaal.
- Stille leeshoek: prentenboeken, winterverhalen of een kort kerstverhaal.
Leg per tafel maximaal drie materialen neer. Alles wat extra is, trekt aandacht weg van de opdracht. Bij jonge kinderen helpt een timer met beeld, bij oudere kinderen werkt een zichtbare klok vaak genoeg.
Werk je vaker met circuits of zelfstandige rondes, dan passen wisbordjes hier goed bij. In het artikel over wisbordjes in de klas staan vormen die je makkelijk een kerstsausje geeft, bijvoorbeeld flitswoorden of korte rekensommen.
Taalactiviteiten met kerstwoorden en verhalen
Kerst is rijk aan woorden: kaars, krans, wens, herder, rendier, feestmaal, lichtjes, spar. Dat maakt het thema handig voor woordenschat, spelling en schrijven. Je hoeft er geen volledige taalles van te maken; een kwartier kan al genoeg zijn.
Voor groep 1 en 2 kun je werken met een kerstwoordmuur. Laat kinderen voorwerpen aanwijzen, sorteren of beschrijven: wat hoort bij binnen, buiten, eten, licht of muziek? In groep 3 kunnen kinderen beginletters zoeken of kerstwoorden stempelen. Groep 4 en 5 kunnen rijmwoorden, samenstellingen en verkleinwoorden verzamelen: kerstbal, kerstboom, kerstkaart, lichtje, sterretje.
Voor groep 6, 7 en 8 werkt een schrijftaak vaak beter wanneer die een duidelijke vorm heeft. Bijvoorbeeld:
- schrijf een kerstverhaal van precies 100 woorden;
- maak een nieuwsbericht over een verdwenen kerstster;
- schrijf een handleiding voor een kerstmachine die iets onhandigs doet;
- maak een menukaart met beschrijvende zinnen, niet alleen losse gerechten.
Een fijne opdracht voor alle groepen is de wensenlijn. Elk kind schrijft één wens voor de klas, de school of iemand in de buurt. Hang de kaartjes aan een touw door het lokaal. Spreek vooraf af dat wensen vriendelijk en haalbaar blijven. “Ik wens dat iedereen elke dag taart krijgt” is eerlijk, maar misschien niet het plan voor januari.
Rekenen met kerst: concreet en niet te zoet
Kerstactiviteiten kunnen prima aansluiten bij rekenen, als de opdracht meer is dan een kleurplaat met sommen. Maak het concreet. Kinderen rekenen met prijzen, aantallen, patronen, tijd of meten.
Een paar opdrachten per bouw:
| Groep | Activiteit | Wat oefenen kinderen? |
|---|---|---|
| 1-2 | Kerstballen sorteren op kleur, grootte of patroon | vergelijken, tellen, reeksen maken |
| 3-4 | Kerstboom versieren met sommen tot 20 of 100 | optellen, aftrekken, automatiseren |
| 5-6 | Kerstmarkt met prijslijst en budget | geldrekenen, handig optellen, verschil berekenen |
| 7-8 | Recept omrekenen voor 4, 8 of 24 personen | verhoudingen, breuken, kommagetallen |
Bij een kerstmarkt-opdracht geef je groepjes bijvoorbeeld €10 budget. Ze kiezen uit warme chocolademelk, koekjes, kaarsjes, kaartjes en kleine cadeautjes. Laat ze uitrekenen wat ze kopen, hoeveel geld overblijft en welke combinatie het dichtst bij €10 komt zonder eroverheen te gaan.
Voor groep 4 en 5 kun je een tafelvariant maken: elke kerstbal heeft een tafelsom, de boom heeft uitkomsten. Wie 6 × 7 oplost, hangt de bal bij 42. Als je meer klassikale werkvormen zoekt, kun je ideeën halen uit tafels oefenen met de hele klas en de context aanpassen naar december.
Knutselen zonder glitterchaos
Knutselen hoort voor veel kinderen bij kerst, maar het hoeft geen lokaal vol losse glitters te worden. Kies materialen die snel drogen, makkelijk te verdelen zijn en niet vragen om één-op-één begeleiding. Kosteloos materiaal werkt vaak verrassend goed: wc-rollen, karton, doppen, restpapier, oude tijdschriften, lintjes van verpakkingen.
| Groep | Kerstknutsel | Duur | Materiaal |
|---|---|---|---|
| 1-2 | Sterren stempelen met wc-rol | 20 min | verf, wc-rol, donker papier |
| 3-4 | Kerstboom van gescheurde papierstroken | 30 min | groen papier, lijm, karton |
| 5-6 | Lantaarn van potje en vliegerpapier | 40 min | glazen potje, lijm, papier, waxinelichtje op batterij |
| 7-8 | 3D-kerstkaart met pop-up | 45 min | stevig papier, schaar, liniaal |
Laat altijd één voorbeeld zien, maar maak het niet te netjes. Een voorbeeld dat eruitziet alsof het uit een hobbywinkel komt, kan kinderen juist blokkeren. Eén basisvorm is genoeg; kleuren, versiering en details mogen verschillen.
Handig bij knutselen: zet een inleverplek klaar met naamkaartjes. Spreek ook af wat kinderen doen als ze klaar zijn. Een leesmand, kleine tekenopdracht of kerstwoordzoeker voorkomt dat de eerste snelle werkers door het lokaal gaan zwerven. Meer ideeën met simpele materialen staan bij knutselen met kosteloos materiaal.
Beweging en drama voor wiebelige decemberdagen
In de laatste weken voor de vakantie zitten kinderen vaak vol verwachting. Een korte beweegactiviteit kan dan beter werken dan nog strenger proberen stil te zitten. Houd het wel kort: 5 tot 10 minuten is meestal genoeg.
Drie kerstactiviteiten zonder materiaal:
- Kerstbeelden: noem een woord, bijvoorbeeld slee, kaars, engel, rendier of kerstboom. Kinderen maken in stilte een standbeeld. Laat er twee kort bekijken en benoem wat je ziet.
- Rendierenroute: kinderen lopen door het lokaal. Bij jouw signaal veranderen ze: sluipen door sneeuw, stappen over cadeaus, lopen als een deftige kerstgast.
- Wie heeft de kerstbel?: één kind op de gang, één kind verstopt denkbeeldig een belgebaar. De groep geeft met zacht of hard neuriën aan of de zoeker dichterbij komt.
Voor groep 7 en 8 mag er wat meer spel in. Laat tweetallen een scène van 30 seconden maken met een probleem: de kerstman is zijn route kwijt, een kerstkoor kent alleen het refrein, de boom past niet door de deur. Kort houden is hier de kunst. Eén minuut voorbereiding, spelen, applaus, door.
Wil je bewegen zonder materialen of voorbereiding, dan sluiten veel ideeën uit energizers zonder materiaal goed aan. Geef ze een winterse naam en je bent er vaak al.
Rustige kerstactiviteiten na pauze, gym of viering
Na een kerstviering, repetitie of drukke pauze heeft een groep soms geen nieuwe prikkel nodig. Dan werkt een rustige activiteit beter dan nog een spel. Zet het licht wat zachter als dat kan, spreek zachter dan normaal en kies iets waarbij kinderen weten wat er van hen wordt verwacht.
Geschikte rustige activiteiten:
- Luistertekenen: jij leest stap voor stap een wintertafereel voor, kinderen tekenen mee.
- Voorleeskwartier: één kort verhaal, geen verwerking erachteraan.
- Kerstmandala of patroonblad: vooral fijn voor groep 3 t/m 6.
- Stille complimentenkaart: kinderen schrijven voor een klasgenoot één concrete zin, bijvoorbeeld “Jij hielp mij met rekenen” in plaats van “jij bent aardig”.
Voor een zelfstandig kwartier kun je ook kerstwerkbladen van Minipret klaarleggen, bijvoorbeeld voor kinderen die eerder klaar zijn of voor een rustig inloopmoment. Kies liever één passend blad dan een stapel waar kinderen doorheen gaan bladeren.
Als je groep lastig terugschakelt na drukte, helpt het om de overgang heel voorspelbaar te maken: binnenkomen, jas ophangen, water drinken, plek, korte opdracht. In rustige tussendoortjes voor de klas staan meer vormen die goed werken na een onrustig moment.
Plan kerstactiviteiten met genoeg lucht
Een decemberplanning raakt snel vol met vieringen, rapporten, ouderhulp, versieringen en dingen die “nog even” moeten. Plan kerstactiviteiten daarom niet te strak. Eén grotere activiteit per dag is vaak genoeg, met een korte rustige opdracht als achtervang.
Een werkbare opbouw voor de laatste week:
- Maandag: kerstcircuit of rekenactiviteit.
- Dinsdag: knutselopdracht die mag drogen.
- Woensdag: taalactiviteit met kerstwoorden of wensen.
- Donderdag: viering, optreden of gezamenlijke activiteit.
- Vrijdag: opruimen, voorlezen, kaartje mee naar huis.
Let ook op verschillen in de klas. Niet ieder kind viert kerst thuis op dezelfde manier. Houd opdrachten daarom breed genoeg: licht, winter, wensen, samen eten, muziek en verhalen zijn thema’s waar veel kinderen iets mee kunnen. Bij uitgesproken religieuze onderdelen helpt het om duidelijk te zijn: vertel je een verhaal, vier je een traditie of werk je aan cultuuronderwijs?
Wie meer rond feestdagen en seizoenen wil plannen, kan verder kijken binnen het kerstthema. Kies vooral wat past bij jouw groep op dat moment. Soms is een halfuur rustig kaarten maken precies wat de klas nodig heeft, en soms redt een rendierenspelletje de middag.



